Blog
Risk it all, to win it all!!
5 maart 2012 | 4 reactiesTja… daar sta je dan op de Holland cup finale in Deventer, het afgelopen weekend op mijn oude thuisbaan. Nog snel even twee wedstrijden rijden om ritme op te doen voor aankomende vrijdag. Ik start namelijk in Berlijn (zie: http://marktuitert.nl/nieuws/) op de World cup Finale 1500 meter.
Aan de ene kant ben ik blij met deze kans om nog iets van mezelf te laten zien, om nog een keer dit seizoen de ring in te stappen met mijn grootste concurrenten. Aan de andere kant weet ik dat ik dan wel goed in conditie ben, maar lang niet in optimale wedstrijdvorm verkeer. Er was dan ook een behoorlijk uitzonderlijke samenloop van omstandigheden nodig om zover te komen. Er raakte iemand geblesseerd (Wouter Oldeheuvel), iemand moest afzeggen (Sven Kramer), iemand zou moeten vallen/of tegenvallend presteren (Lars Elgersma/Rhian Ket). Aan al deze voorwaarden werd dus voldaan, misschien begrijpt u dat ik hier niet helemaal rekening mee had gehouden. Maar als het niet gaat zoals het moet dan moet het maar zoals het gaat. Wat zoveel wil zeggen dat ik natuurlijk alles ga geven de komende dagen om zo goed mogelijk voor de dag te komen in Berlijn.
Het is een vreemd seizoen voor mij. De afgelopen maanden waren voor mij nogal een achtbaan aan belevingen, zowel positief als diep negatief. Na een gevecht met mijzelf in het begin van het seizoen heb ik moeten accepteren wat ik eigenlijk niet kon accepteren, nl. dat mijn seizoen er op zat in december. Ik heb veel meegemaakt en geleerd de afgelopen periode, lessen die ik keihard nodig zal hebben de komende jaren. Het meest heb ik nog genoten van de mooie natuurijs periode, ook al werd die niet beloond met een Elfstedentocht. De liefde voor het schaatsen en strijd leeft nog volop in mij en die vlam gaat alleen maar harder branden als ik aan de komende 2 jaren denk.
Een belangrijke periode is dan ook aangebroken voor mijzelf. De zoektocht naar een nieuwe sponsor voor ons topteam naar Sochi is in volle gang. Het sportieve programma voor mij staat al zo goed als vast richting 2014.
Ik heb zin om te rijden in Berlijn, ik zal er starten zonder verwachtingen. Ik ken de baan, ik ruik ,voel en proef de wedstrijd al. Maar laat ik eerlijk zijn naar mijzelf en naar jullie lezers, tijdens mijn eerste wedstrijden sinds de Hollands-Venetie tocht in Giethoorn (van 55km klassieker naar 1500m) mag ik niets van mezelf verwachten. Dat bleek al afgelopen weekend in Deventer waar ik twee keer derde werd. Topsport is niet de plaats voor wonderen. Het is een plaats waar je met volle overgave keihard werkt om je dromen te verwezenlijken. En dat doe je niet in een week tijd.. je krijgt niets cadeau.
Het enige wat nog een klein smetje vormt op mijn deelname aan de WC finale van vrijdag is dat ik me niet meer kan plaatsen voor de WK afstanden. Vooropgesteld dat ik niet de illusie heb dat ik nu ineens de sterren van de hemel rijd, had ik het niet meer dan eerlijk gevonden dat ik toch de kans zou krijgen mij te plaatsen voor de WK afstanden. Ik heb me niet geplaatst bij selectie wedstrijden dat klopt, maar deze waren in December! En de jongens die zich wel hebben geplaatst bleken niet goed genoeg om de top 24 van het klassement te halen wat nodig is om te starten op de WC Finale (ISU regels) of zeiden af… Misschien is het niet heel realistisch, maar zolang er ook maar een kleine kans bestaat vecht ik ervoor. Dromen verleer je tenslotte nooit!
Maar goed, ik moet naar mijzelf kijken. Als je afhankelijk bent van selectieregels en procedures zit je in de verkeerde positie. Ik wil schaatsen om te winnen niet om me bezig te houden met of ik wel of niet mee mag doen aan een wedstrijd. En daar kun je maar op een manier zeker van zijn: Gewoon snoeihard schaatsen.
Risk it all, to win it all!!
Avonturen op het ijs
20 februari 2012 | Reageren?Leg het maar eens uit aan een buitenlander. Het vriest, op de kanalen en de meren ligt een laag ijs en een heel land staat in rep en roer.
Vorige week zondag kwam mijn jeugddroom weer even tot leven. De rayonhoofden kwamen bij elkaar…. Voor het eerst sinds 1997, het jaar van de laatste Elfstedentocht. De weersvoorspellingen zagen er veelbelovend uit. Had ik tot die tijd de verwachting van de tocht der tochten bij mezelf weggehouden, zondag kon ik het niet langer naast me neer leggen. Ik gaf me over aan mijn dromen, mijn hoop, mijn liefde voor het schaatsen. Het gevolg: Totale gekte.
Vragen die me vanaf toen bezig hielden: Wanneer komt ie? Welke kleding heb ik nodig? Hoe rijd ik de Elfstedentocht überhaupt (ik ben lid maar was uitgeloot voor de toertocht)? En zou het, nu ik geen langebaan wedstrijden meer heb, mogelijk zijn om mee te doen aan de wedstrijd? Zou ik in die kooi kunnen staan bij al die mannen van de lange adem?
Net toen die laatste gedachte door mijn hoofd speelde belde oud ploeggenoot Erben Wennemars. Ooit, jaren geleden, hadden we de gelofte uitgesproken nog eens samen in een marathonploeg te schaatsen om zo mee te doen aan de Elfstedentocht.
Al snel waren kwamen we tot de conclusie dat dit het moment was om het plan te lanceren. Een paar minuten later spraken we Arie Koops, technisch directeur van de KNSB. Een dag later was onze marathonploeg een feit. Mede door steun van bondssponsor KPN, en toezegging van mijn eigen sponsor Control.
Al voor dit alles had ik mijn oude skeelermakker Ingmar Berga al gebeld, hij ging met zijn ploeg het Elfstedenparcours verkennen en wij waren van harte welkom om mee te gaan. Wat kwam het in eens dichtbij… We stonden ineens op het ijs…. HET ijs, van de Zwette dat onderdeel uitmaakt van de eerste kilometers van de tocht van Leeuwarden naar Sneek en die in het donker worden afgelegd.
Al schaatsend genoot ik met volle teugen van het ijs, de omgeving en de spanning die ik voelde bij de gedachte dat ik over een week hier in het pikkedonker de longen uit mijn lijf zou schaatsen. De telefoon stond ondertussen te loeien, Erben en ik twitterde foto’s en verslagen door van onze verkenningstocht. Iedereen wilde weten hoe het ons verging. Een knotsgekke maar geweldig avontuurlijke week was begonnen. Die zelfde avond zaten we samen met Erik Hulzebosch aan tafel bij De Wereld Draait Door om onze voorbereiding op de tocht te verslaan.
Mede dankzij snel werk van de KNSB hadden we binnen een dag de marathonploeg uit de grond gestampt, iets wat bij een paar ploegleiders in het marathonschaatsen niet helemaal in goede aarde viel. We hadden ons eerder in moeten schrijven… Wat bij ons altijd voorop heeft gestaan is het verwezenlijken van een jongensdroom, geboren uit liefde voor de schaatssport en de Elfstedentocht. Natuurlijk moeten wij ons ook net als iedereen aan de regels houden, maar het enthousiasme kwam overal vandaan. Langebaanschaatsers schreven zich in bij de nog overgebleven plekken bij ploegen, gestopte schaatsers keerden voor even terug. En waarom niet? De Elfstedentocht is magisch! Eens in de zoveel jaar kan hij verreden worden, 15x maar in de afgelopen eeuw. Er zijn marathonschaatsers die alles hebben gewonnen tussen ’63 en ’85 maar niemand die ze kent. Waarom niet? Ze hebben nooit meegedaan in een Elfstedentocht, in die periode is hij niet gehouden.
Ter voorbereiding hadden we graag aan het NK-marathon mee willen doen in Emmen, maar er werd gedreigd met een boycot uit de marathonwereld. Een wat overtrokken reactie naar mijn mening, waardoor men ons plotsklaps belangrijker maakte dan we zijn, of dan we zelf wilden zijn. Overigens kregen we ook veel leuke reacties uit het peleton, jongens die er totaal geen problemen mee hadden. Zij deden wat ze altijd doen: Hard schaatsen. Mooiste voorbeeld hiervan: Rob Hadders, de absolute winnaar van de afgelopen week natuurijs.
Gelukkig mochten we wel de wedstrijden rijden die nog gingen komen, de klassiekers. Ondertussen was er vanuit Friesland wel vernietigend hard nieuws naar buiten gekomen. Waar wij gehoopt hadden op een uitstel naar een nieuwe vergadering met Rayonhoofden om vrijdag kwam midden in de week het afstel van de gehele tocht…
De ontgoocheling was groot, mede omdat alles er een paar dagen eerder nog zo rooskleurig had uitgezien. Voor even was Nederland wereldnieuws geweest en gingen berichten niet over de crisis. Schaatsen sloeg de klok. Nadat we eerder ijsmeester Jan Oostenbrug en voorzitter Wiebe Wieling hadden gesproken over het ijs, kon ik leven met de negatieve uitslag. Deze kerels waren de rust zelve en zouden alles in het werk stellen om het door te kunnen laten gaan, mits verantwoord. En eerlijk gezegd, wij hebben op stukken geschaatst die bij lange na nog niet goed genoeg waren.
De eerste wedstrijd die de dag op het NK volgde, de Ronde van Skarsterlan, viel mij niet mee, in een zware koers moest in na 30km opgeven daar waar Erben knap finishte als 18e. Het werd me goed duidelijk dat ik nog niet helemaal was aangepast aan het schaatsen op natuurijs. Een dag later maakte ik mijn kilometers richting Dokkum, stelde ik mijn schaatsen beter af en probeerde een slag te vinden die me wat minder energie zou kosten.
En onderweg heb ik genoten. Ik heb zo gebaald de afgelopen weken, mijn langebaanseizoen was naar de knoppen na het missen van een kwalificatie voor “mijn” 1500 meter. De route naar Olymische spelen in Sochi wordt ingezet, maar gaat 2 jaar in beslag nemen. Het natuurijs was voor nu mijn perfecte vlucht…. Terug naar de natuur, de basis, de lol, het onbevangene. Tussen de rietkragen met de wind in de rug genoot ik intens, ik droomde van de laatste kilometers, de Bonkervaart in zicht.
Heel Nederland stond op het ijs zo leek het, met onze KPN/Control/Skateforair/schaatsen.nl ploeg besloten we de laatste en grootste wedstrijd voor ons op natuurijs te rijden in Giethoorn. Samen met Erben en Jochem Uytdehaage startte we om 8 uur vroeg voor de Hollands Venetiëtocht. Waar eerdere wedstrijden bestonden uit een soms saai rondje van een paar kilometer was dit een wedstrijd van A naar B dwars door de dorpen en meren van het natuurgebied “de Weerribben”, inclusief kluunplekken.
Het werd een belevenis van jewelste, dit keer kon ik me beter handhaven in het peleton. Met voortdurend snelheden van boven de 40km/h denderden we over de glasplaat rond Giethoorn. Op het ijs, waar ik als kind veel kwam en waar ik menig toertocht reed samen met mijn vader en broer. Ik was blij met mijn 15e plek, een mooie afsluiter van een week vol gekte, liefde voor het ijs en avontuur.
De burgemeester van Simcity
27 november 2011 | Reageren?
Geel voor industrie, blauw voor commerciële dienstverlening, groen voor woningen dat waren altijd de vakjes waaruit je kon kiezen als je een nieuwe stad wilde opzetten in het computerspel Simcity. Weggetje hier, kolencentrale daar en je stad begon te leven.
Maar natuurlijk moesten de altijd zeurende burgers wel tevreden gehouden worden, dus bouwde je een gigantische toren, een veel te groot winkelcentrum, een sportstadion en een riante ambtswoning om je nieuw verworven status te bevestigen. (Zegt je dit helemaal niets, sla dit artikel dan gerust over.)
Natuurlijk was je geld al snel op, de stad groeide niet genoeg en de kosten van onderhoud van al die mooie speeltjes die je net had neergekwakt rezen de pan uit. Alleen die smerige industrie liep een beetje, maar zorgde niet voor genoeg werkgelegenheid en voor veel vervuiling.
Zo was de bevolking uiteraard nooit tevreden, tot zover aardig in toom met de werkelijkheid. Maar na een aantal dagen verslaving aan het spelletje was het natuurlijk veel leuker om een beetje vals te spelen. Je liet de tijd doorlopen om de schatkist te vullen, je gooide belastingen omhoog, bouwde nog meer vieze industrie in een uithoekje of zocht een achterdeurtje in het spel waardoor je je geld kon oppompen.
Hier in Astana, Kazachstan leven we in Simcity. President Nazarbayev, die al twintig jaar stevig in het zadel zit, bezit een land met een veelvoud aan grondstoffen, waaronder een mooie voorraad olie. Hoofdstad Astana ligt midden op de steppen, op een groot vlak kaal stuk land, nergens een belemmering om uit te bouwen. Ik had het stuk land ook uitgekozen als ik Simcity speelde. Ideaal om een nieuwe stad uit de grond te stampen.
De schatkist kan hier niet leeg, en daarom is het natuurlijk het leukst om dingen te bouwen gewoon omdat het kan. Hoe groter hoe beter! Dus bouwt men hier inderdaad de gigantische toren net als een paleis, een piramide, een overdekt winkelcentrum en waar wij natuurlijk mee te maken hebben: Een mooie, complete, snelle en indrukwekkende ijsbaan. Het stadion is van alle gemakken voorzien. Wij Nederlandse schaatsers smachten naar zo’n gebouw in ons eigen land.
Maar ja… wij Nederlanders zijn een volkje met een opmerkelijke overeenkomstige waarde: Nut.
Iets wat totaal niet past in de Simcity wereld… Nut? Niets mee te maken, een ijsbaan hier op de steppe is totaal niet nuttig. Er komt geen kip schaatsen en het stadion was afgezien van een verplicht schoolklasje verstoken van bezoekers tijdens de afgelopen worldcup. De prachtige gebouwen hier worden veelal bevolkt door schoonmaak en beveiligingspersoneel, echte publiekstrekkers zijn het niet.
En toch als ik een dag de burgemeester van Simcity mocht spelen, zou ik een stad bouwen zo groot als een land. Ik zou het Nederland noemen, of Randstad of iets in die richting.
Ik zou weten dat een bevolking nooit tevreden is, een zittend kabinet het nooit goed doet. Maar dit zou me er niet van weerhouden een gigantisch ijsstadion neer te zetten midden in mijn stad. Het zou mijn schatkist tijdelijk leegtrekken maar mijn bevolking zal juichen, “Wij houden van onze burgemeester dag” vieren, zich vergapen aan de prachtige sportprestaties, kortom gelukkig zijn.
Wat is daar niet nuttig aan te noemen?
Mark.
Mijn blog: Een dikke laag stroop.
7 november 2011 | 13 reactiesNatuurlijk moet het pas later in het seizoen gebeuren, natuurlijk hoef je nu nog niet te pieken. Allemaal teksten die je jezelf voorhoudt als het niet lekker gaat. Of in ieder geval niet gaat zoals het moet.
Het is allemaal gelul, je kunt er op het moment dat je moet presteren niets mee. En reken maar dat ik wil presteren op een NK afstanden. Het toernooi waarop ik nog nooit een titel wist te winnen en de dubieuze eer heb om aan kop te gaan van het klassement: “Meeste podiumplekken zonder overwinning”.
Het missen van de 500 meter en 1000 meter worldcups hakte er wel even in. Het klinkt misschien raar, maar heel even voelt het alsof je wereld vergaat. Hoe meer je het soms wilt, hoe sterker deze wil je tegenwerkt om hard te schaatsen. Je kunt vorm niet forceren, ook al wil je niets liever. Ik beoefen nu eenmaal een technische sport…. soms vlieg je door dunne lucht en soms rijd je door een dikke laag stroop.
Dat ik me wel plaatste voor de 1500 meter was voor mij nog wel een verrassing na zo’n belabberde rit. Ik kwam goed weg na een spannende ontknoping. Zo bleef ik Jan Blokhuijsen met 1/1000 ste seconde voor en werd ik 5e in het klassement.
Over spanning gesproken, het schaatsen is springlevend. NK’s zoals deze zijn speciale wedstrijden, lastig voor de gevestigde orde en prikkelend voor de jeugd. Dit weet het publiek blijkbaar te waarderen. Ik kwam thuis na mijn races en zag de hele zondagmiddag gevuld met schaatsen. Kijkcijfers op weekendmiddagen van tegen de 1 miljoen voor een Nederlands Kampioenschap!!! Zwartkijkers houden we altijd, maar zulke kijkcijfers en daarnaast vanaf half september al schaatsspecials in kranten en magazines geven aan dat het schaatsen leeft.
Het toernooi werd gelukkig wel een succes voor onze ploeg. Stefan Groothuis ging aan kop met twee titels en Jan Smeekens tekende voor de 500 meter titel, mooie resultaten waar ik als trainingsmakker ook een beetje trots op ben. Net als goede prestaties over de gehele breedte van onze ploeg. Maar titels tellen!
Het motiveert mij ook om in deze goede sfeer opzoek te gaan naar mijn eigen verbeteringspunten en dat zijn er genoeg, te beginnen met het goed in orde krijgen van mijn techniek. Ik overleg voortdurend met Jac Orie (mijn trainer) over mijn trainingsopbouw, maar we moeten ervoor waken ook niet te snel conclusies te trekken. Je moet als sporter kunnen leven met ‘trial and error’. Het zo goed mogelijk oplossen van dat ‘error’ gedeelte bepaalt of je uiteindelijk succesvol zult zijn of niet. Tijd om daar hard aan te werken, ik prijs me gelukkig dat ik samenwerk met een trainer, ploeg en begeleidingsteam waarmee ik weet dat we die puzzel kunnen oplossen.
Ik kijk dus vooruit, heb al een tijdje achter Google Earth gezeten (dit geweldige computerprogramma blijft mij iedere keer verbazen, dat dit kan!) om alvast de ijsbanen van Cheljabinsk en Astana te verkennen gelegen in resp. de Oeral en Kazachstan. Zo kom ik de komende weken op ijsbanen waar ik nog nooit ben geweest, een mooie ontdekkingstocht zowel buiten mijzelf als met mijzelf.
Mark Tuitert.
PS. Bedankt voor het vertrouwen dat spreekt uit al jullie reacties op mijn twitter, facebook, hyves en website pagina’s!













